Door: E. van den Bosch 25-2-2010
Nee, nee! Geen column over díe wissel, want dan begeef ik me op glad ijs ben ik bang. Daarnaast is er al weer veel te veel over gezegd. Ook gaat het niet over de wissel die recentelijk mede een treinramp in België veroorzaakte. Veel dramatischer dan de eerst genoemde wissel overigens. Nee, ik wil het in deze column eens hebben over de wissel die mensen regelmatig maken in hun werk - ook wel jobhoppen genoemd - en de wisselwerking tussen mens en werk.
Hoewel het jobhoppen in de huidige economische omstandigheden wel wat minder is geworden, zijn er toch best nog wel mensen die graag de gok nemen en van baan wisselen. Nou klinkt de term jobhoppen best wel wat onrustig, alsof de hopper als een soort kikker van blad naar blad springt in de hoop een beter plekje te vinden. Natuurlijk zijn er mensen die zo weinig rust hebben, dat ze continue naar verandering op zoek zijn of gewoon steeds meer willen gaan verdienen. Anderen zijn weer wat meer doelbewust daarmee bezig en gebruiken verandering van werk als een doorlopende, persoonlijke groei. Vooral van deze laatste groep komen uiteindelijk veel mensen terecht in de duurzame sector van banen, bedrijven en organisaties. Niet zozeer het financiële aspect is dan doorslaggevend, maar vooral de maatschappelijke en persoonlijke meerwaarde.
De wisselwerking tussen mens en werk is een vaak onderschat fenomeen. De overheersende gedachte is toch nog steeds dat je als mens werkt om te verdienen en jezelf en/of je gezin te kunnen onderhouden. Voor veel mensen is het helaas ook niet meer dan dat. Wat draag jij bij aan je werk. Maar in het Nieuwe Werken staat vooral het positieve effect van persoonlijke groei en kwaliteiten, binnen een baan die bijdraagt aan maatschappelijke verbetering, centraal. Hier is de wisselwerking dus vooral gericht op wat jouw werk bijdraagt aan jou als mens. Het lijkt een klein verschil, maar deze 'wisseltruck' is in feite een grote vooruitgang.
Nu zijn er natuurlijk niet alleen mensen die vanuit een baan op zoek zijn naar ander werk. Een groot deel van de mensen heeft op dit moment helaas (nog of weer) geen werk. Normaal wordt deze groep als werklozen bestempeld, maar persoonlijk vind ik dat een erg negatief woord. Lozen betekent tenslotte dumpen en bevestigd de onterechte gedachte dat deze groep is afgeschreven. Daarom stel ik voor om met elkaar de term 'werklozen' niet langer te accepteren of te gebruiken. Mijn voorstel zou zijn om het voortaan over 'werkwensenden' te hebben. Het benadrukt een positieve instelling en doet veel meer recht aan deze groep. Natuurlijk zijn er ook nog werkwanhopigen, die al jaren wensen dat ze een baan konden krijgen, maar tegen heel veel drempels en muren aanlopen. Het is mede aan bedrijven en organisaties als die van onszelf, om voor deze groep de wan van de hoop te scheiden en werkelijke kansen te bieden. Tot slot is er ook nog een kleine groep werkweigerenden. Laten wij er met elkaar voor zorgen dat de inkt van de stempel die deze groep zet, niet doorvloeit naar al die andere groepen.
Dus beste werkhoppers en werkwensers, laat weten hoe jij denkt over deze wisselwerking en de actie om het begrip lozen te dumpen. Ook alternatieven zijn van harte welkom.
Egbert van den Bosch
eindredacteur